Hoe maak je je eigen vloeibare plantenvoeding van brandnetels?
Je kijkt naar je tuin, naar die flinke bos brandnetels in de hoek die je eigenlijk alleen maar irritant vindt.
Wat als ik je vertel dat die 'onkruiden' goud waard zijn voor je planten? Met een emmer, wat water en twee weken geduld brouw je de krachtigste, gratis plantenvoeding die je je kunt voorstellen. Geen poespas, geen dure flessen uit het tuincentrum. Gewoon een ouderwets recept dat al generaties werkt. Laten we aan de slag gaan.
Wat je nodig hebt: de basis op een rij
Voordat je begint, verzamel je spullen. Het mooie is: je hebt waarschijnlijk al het meeste in je schuur liggen.
- Een emmer of grote pot: Minimaal 10 liter, liefst van plastic of roestvrij staal. Geen metaal dat kan roesten.
- Vers brandnetelblad: Ongeveer 1 kilo. Pluk ze met dikke handschoenen aan, vóórdat ze gaan bloeien (dat is nu, in het voorjaar). Kies jonge toppen, die zitten vol voedingsstoffen.
- Regenwater of kraanwater: 10 liter. Regenwater is ideaal, maar kraanwater dat 24 uur heeft gestaan (om chloor te laten verdampen) kan ook.
- Een houten roerstok: Een oude bezemsteel of een lange lepel werkt perfect.
- Een zeef of oude (kaas)doek: Om het goedje later te filteren.
- Een oude gieter of spuitfles: Voor het aanbrengen.
Dit is je boodschappenlijstje. Kosten? Vrijwel nul. Tenzij je handschoenen moet kopen, reken dan op zo'n €5-€10 voor een goed paar bij de bouwmarkt.
Stap voor stap: van brandnetels naar goud
Dit is geen hogere wetenschap, maar timing en verhoudingen zijn wel belangrijk. Volg deze stappen precies.
- Vul je emmer. Stop de kilo brandnetelbladeren in de emmer. Prak of knijp ze een beetje aan om de cellen te breken. Zo geven ze sneller hun stoffen af.
- Giet het water erbij. Schenk de 10 liter water over de bladeren. Zorg dat alles onder water staat. Roer goed om met je houten stok.
- Laat het gisten. Dek de emmer af met een oude krant of een deksel dat niet helemaal luchtdicht is. Zet hem op een schaduwrijke, warme plek (zoals je schuur of een hoek van de tuin). Nu begint het wachten.
- Roer dagelijks. Elke dag even flink roeren. Je zult na 2-3 dagen bubbels zien en een sterke, aardse geur ruiken. Dat is precies de bedoeling. Laat het mengsel in totaal 14 dagen trekken.
- Zeef de pulp. Na twee week is je meststof klaar. Giet het vocht door de zeef of kaasdoek in een schone emmer of gieter. Knijp de natte bladeren goed uit – daar zit nog veel goed spul in. De uitgeknepen pulp kan op de composthoop.
De kleur van je eindproduct? Een diepe, donkere thee, bijna zwart. Dat is het teken dat het goed is gegaan.
Veelgemaakte fouten (en hoe ze te vermijden)
De eerste keer gaat het bij iedereen wel een beetje mis. Maar met deze tips voorkom je verbranding van wortels door overbemesting en de grootste teleurstellingen.
- Te weinig brandnetels gebruiken. De verhouding is cruciaal. 1 kilo op 10 liter water. Te weinig brandnetels geeft een slap aftreksel dat weinig doet.
- De emmer afsluiten. Het mengsel moet kunnen ademen. Een luchtdichte deksel zorgt voor rotting in plaats van fermentatie. Gebruik een deksel op een kier of een doek.
- Plukken na de bloei. Zodra de brandnetel bloeit, stopt hij met het opslaan van voedingsstoffen in zijn bladeren. Je krijgt dan een veel zwakkere meststof.
- Direct op de bladeren gieten. De onverdunde meststof is te sterk en kan plantenwortels verbranden. Altijd verdunnen! Dat brengt ons bij de volgende stap.
Hoe en wanneer je het gebruikt
Je hebt nu een geconcentreerde krachtpatser. Die moet je altijd verdunnen voordat je 'm gebruikt.
De gouden regel: Meng 1 deel brandnetelmest met 10 delen water. Dus 100 ml meststof op 1 liter water. Voor een gieter van 10 liter heb je dus 1 liter onverdunde meststof nodig. Wil je daarnaast bitterzout toevoegen aan je tuinplanten? Doe dit dan altijd apart.
Wanneer toepassen? Je kunt het ook als bladvoeding gebruiken: verdund (1:20) in een spuitfles en op de bladeren vernevelen.
- Tijdens het groeiseizoen: Van april tot en met augustus, elke 2 weken.
- Bij voorkeur na een regenbui of na het water geven, als de grond vochtig is. Nooit op droge grond of in de felle zon gieten.
- Specifiek voor: Bladgroenten (sla, spinazie), tomaten, komkommers, courgettes en eigenlijk alle andere groenten en sierplanten die van een stikstofboost houden.
Dat werkt snel bij een zichtbaar tekort.
Verificatie-checklist: is jouw brouwsel geslaagd?
Voordat je je gieter vult, loop even door deze checklist. Zo weet je zeker dat je goed zit, net zoals wanneer je je eigen compost van botanisch tuinafval maakt.
- ☑ Geur: Ruikt het naar een bosgrond na een regenbui? Een sterke, aardse, bijna mufachtige geur is goed. Een rotte, onaangename stank wijst op bederf.
- ☑ Kleur: Is het vocht donker, bijna als cola of sterke thee? Een lichte, groenige kleur betekent dat het niet lang genoeg heeft getrokken.
- ☑ Bubbels: Zie je nog kleine belletjes als je roert? Dat betekent dat het fermentatieproces actief is. Dat is een goed teken, zelfs na 14 dagen.
- ☑ Filtering: Heb je alle vaste delen er goed uitgezeefd? Pulpresten kunnen de gieter verstoppen en gaan schimmelen in je gieter.
- ☑ Verdunning: Heb je de 1:10 verhouding aangehouden? Test eventueel eerst op één plant om te kijken hoe hij reageert.
En? Voldoet je brouwsel aan alle punten? Dan ben je klaar om je tuin op een volledig natuurlijke manier te verwennen.
Dat ene bosje brandnetels levert nu liters superieure plantenvoeding op. Je portemonnee en je planten zullen je dankbaar zijn.
